Blog: Novel Foods, oftewel nieuwe levensmiddelen

 

Novel Foods, oftewel nieuwe levensmiddelen

Ook wel eens gehoord van Novel Foods? Of juist helemaal geen idee wat hiermee bedoeld wordt. In dit blog leest u er alles over.

 

Wat zijn Novel Foods?

Novel Foods zijn zogenoemde “nieuwe” levensmiddelen of nieuwe voedingsingrediënten die vóór 15 mei 1997 nog niet in significante mate door de mens werden geconsumeerd of volgens nieuwe methoden zijn produceert in de Europese Unie.

 

Aan welke wetgeving moeten Novel Foods voldoen?

Met ingang van 1 januari 2018 in de nieuwe Novel Foods Verordening (EU) nr. 2015/2283 in werking gesteld. De Verordening vervangt Novel Food Verordening (EU) nr. 258/97 en Novel Foods Etiketteringsverordening (EU) nr. 1852/2001. De nieuwe verordening heeft tot een nieuw Nederlands Warenwetbesluit geleid (Warenwetbesluit nieuwe voedingsmiddelen en genetisch gemodificeerde levensmiddelen).

De nieuwe verordening regelt de toelating van nieuwe voedingsmiddelen, ingrediënten en methoden. De Novel Foods hebben een nieuwe omschrijving gekregen in artikel 3, sub 2a. “Nieuwe voedingsmiddelen”: alle levensmiddelen die binnen de Unie vóór 15 mei 1997 niet in significante mate voor menselijke voeding werden gebruikt, en die onder ten minste een van de volgende 10 categorieën vallen. Een aantal voorbeelden van deze categorieën zijn bijvoorbeeld:

  • Levensmiddelen bestaand uit, geïsoleerd uit of geproduceerd uit micro-organismen, schimmels of algen
  • Levensmiddelen bestaand uit, geïsoleerd uit of geproduceerd uit celcultuur of weefselkweek afgeleid van dieren, planten, micro-organismen, schimmels of algen

 

De uitgangspunten voor deze verordening zijn dat het nieuwe voedingsmiddel:

  • Geen gevaar mag opleveren voor de consument
  • De consument niet mag misleiden
  • Niet minder voedingsstoffen mag leveren dan het originele product

 

Uitzonderingen

Er zijn ook wat uitzonderingen, o.a. additieven, aroma’s en Genetisch Gemodificeerde Organisme (GMO’s). Deze zijn uitgezonderd en vallen buiten het toepassingsgebied, omdat ze onder specifieke reglementering vallen:

  • Levensmiddelenadditieven vallen onder Verordening (EG) nr. 1333/2008
  • Aroma’s voor gebruik in voedingsmiddelen vallen onder Verordening (EG) nr. 1334/2008
  • GMO’s voor voeding en diervoeding vallen onder Verordening (EG) nr. 1829/2003

 

Wanneer valt een voedingsmiddel onder de Novel Food wetgeving?

Men dient te controleren of het nieuwe voedingsmiddel is opgenomen in de lijst van toegelaten nieuwe voedingsmiddelen. Alle levensmiddelen die al zijn toegelaten als Novel Food staan vermeld in een online Novel Food catalogus van de Europese Unie.

Indien het voedingsmiddel niet op de unielijst staat vermeld, dan dient men te onderzoeken of het vóór 15 mei 1997 in significante mate voor menselijke voeding gebruikt werd. Men moet aantoonbaar maken dat het voedingsmiddel vóór 15 mei 1997 gegeten/gedronken werd in de Europese Unie.

 

Hoe verloopt de Novel Food procedure?

Voordat een Novel Food in de handel gebracht mag worden, moet het getoetst worden aan wetenschappelijke evaluaties. In de algemene toelatingsprocedure verordening (EG) nr. 2017/2469 wordt aangegeven dat er een Novel Food dossier opgebouwd moet worden. Zo dient er een toxicologisch onderzoek uitgevoerd te worden, maar ook een innameberekening. Er dient vastgesteld te worden welke hoeveelheid de consument veilig kan consumeren. Er dient een veilige hoeveelheid (use level) van het Novel Food is verschillende toepassingen worden berekend. Er zijn vele wetenschappers die het dossier zullen beoordelen, waardoor in veel gevallen aanvullend onderzoek nodig is.

 

Voorbeelden van Novel Foods

Voedingsmiddelen verkregen uit nieuwe bronnen of nieuwe methoden. Bijvoorbeeld “kweekvlees”, waarbij stamcellen van een koe opgekweekt zijn tot stukjes spiervezel. Of champignons die behandeld zijn met UV licht waardoor ze (meer) vitamine D bevatten. Daarnaast ook levensmiddelen die bestaan uit technisch vervaardigd nanomateriaal, zoals bijvoorbeeld kleurstof E171.

Traditionele voedingsmiddelen die in landen buiten de EU al werden gegeten. Bijvoorbeeld chiazaden en bepaalde insecten.

Nieuwe voedingsmiddelen, zoals bijvoorbeeld chondroïtinesulfaat (een suikerverbinding) welke in de handel wordt gebracht als voedselingrediënt voor gebruik in voedingssupplementen.

Functionele ingrediënten die een extra effect geven ten opzichte van “normale voeding”. Bijvoorbeeld halvarine waaraan plantensterolen zijn toegevoegd met een cholesterolverlagend effect.

Extra: bovenstaande voorbeelden zijn allen -in de basis- voorbeelden van Novel Foods, echter nog niet allen zijn ook daadwerkelijk al goedgekeurd als Novel Food.

 

Wie controleert de veiligheid van de Novel Foods?

De veiligheid van het nieuwe voedingsmiddel of ingrediënt wordt vanaf 2005 in Nederland beoordeeld door het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (CBG). Op Europees niveau vallen de Novel Foods onder de verantwoordelijkheid van de Europese Voedselveiligheid Autoriteit (EFSA). De NVWA houdt toezicht op de naleving en treedt ook op als een nieuw voedingsmiddel zonder de vereiste Europese toestemming op de markt wordt gebracht.

Blog: Voedselfraude, iets van alle tijden?

 

Voedselfraude, iets van alle tijden?

Voedselfraude is niet iets van de laatste jaren, maar in tijden van crisis is de druk op mensen echter groter dan anders.

 

Wat is voedselfraude?

Eigenlijk bestaat er geen eenduidige definitie van voedselfraude, maar de European Commission heeft de volgende definitie: Food fraud is about “any suspected intentional action by businesses or individuals for the purpose of deceiving purchasers and gaining undue advantage therefrom, in violation of the rules referred to in Article 1(2) of Regulation (EU) 2017/625 (the agri-food chain legislation)”.

Voedselfraude heeft met name betrekking op toevoeging, verdunning of vervanging met een goedkoop eigen of vreemd materiaal, maar ook onjuiste declaraties van productherkomst, productiesystemen en productieprocessen zijn vormen van fraude.

 

Waarom wordt er gefraudeerd?

De belangrijkste aanleiding voor voedselfraude is van economische aard. Het kan simpelweg veel geld opleveren voor de fraudeur. Daarnaast zijn er diverse factoren die er voor zorgen dat er meer wordt gefraudeerd. Denk hierbij aan de corona crisis, de stijgende voedselprijzen of de vraag naar goedkoper voedsel.

Opvallend is ook dat in het jaarplan 2020 van de NVWA wordt aangegeven dat waar het voedselveiligheids- of frauderisico heel hoog is, er met voorrang capaciteit wordt ingezet. Dat betekent dat er op dit moment geen opsporingscapaciteit wordt ingezet voor fraude ten aanzien van voedselintegriteit (o.a. biologisch, Beter Leven, Fairtrade, beschermde oorsprong). Door het gebrek aan opsporing krijgen fraudeurs vrij spel.

 

Hoe vaak komt voedselfraude voor?

In Nederland is er geen database die specifiek is bedoeld om incidenten aangaande voedselfraude te melden. Op Europees niveau is er de RASFF-database. Echter in deze database worden alleen voedselfraude incidenten vermeld die een effect hebben op de voedselveiligheid. Opvallend is wel dat de laatste jaren er een toename is van het aantal gerapporteerde voedselfraude gevallen.

De Britse Food Standards Agency schat dat circa 10% van het voedsel wat in de supermarkt ligt mee gefraudeerd wordt. Dit zal naar alle waarschijnlijkheid niet heel anders zijn in Nederland.

 

Voedselfraudegevoelige producten

Biologische voeding– Producten krijgen onterecht een biologisch label, zodat ze voor een hogere prijs verkocht kunnen worden. Daarnaast is de groeide vraag naar biologische producten ook een reden voor fraude.

Granen– Durum tarwesoorten zijn duurder en worden deels of geheel vervangen door goedkopere graansoorten. Hoe meer het graan verwerkt wordt, hoe minder duidelijk wordt wat de oorspronkelijke graansoort was.

Honing– Er zijn vele manier hoe hiermee gefraudeerd wordt. Ondanks strenge wetgeving aangaande honing zijn er vele manieren hoe hiermee gefraudeerd wordt, zoals het toevoegen van water of het aangeven van een andere herkomst. Er kan ook invertsuiker worden toegevoegd, waardoor de honing is vermengd met een goedkoper ingrediënt.

Koffie– Er is veel prijsverschil in koffie. Er is een groeiende koffiecultuur met bepaalde interesses in herkomst van koffiebonen en ethisch geproduceerde koffiebonen. Echter wordt er aan gemalen koffie soms fijngehakte takken en bladeren toegevoegd. Ook worden dure kwaliteitsbonen vermengd met goedkopere soorten koffiebonen.

Vis– Er wordt vaak een duurdere vissoort op het etiket benoemd, dan werkelijk in de verpakking aanwezig is. Zo wordt schelvis wel eens verkocht als -het veel duurdere- kabeljauw.

Kruiden en specerijen– Omdat kruiden en specerijen vaak in poedervorm voorkomen is het gemakkelijk een ander en goedkoper kruid of specerij toe te voegen. Er wordt soms zelfs gemalen hout, fijn steengruis, kalk en zand aan toegevoegd.

Vruchtensappen– Bij de productie van vruchtensap wordt het sap eerst geconcentreerd, dan vaak getransporteerd over grote afstanden en vervolgens weer aangelengd. In al deze processtappen kan voedselfraude plaatsvinden. Soms wordt er meer verdund dan wat volgens de toegepaste concentratie zou mogen. Verdunnen met water en extra suiker wordt soms ook gedaan.

Olijfolie– Doordat er een groot prijsverschil zit tussen de extra vierge olijfolie van de eerste persing en de goedkopere andere olijfoliën of oliën van andere oorsprong (zoals bijvoorbeeld zonnebloemolie), is dit product zeer gevoelig voor voedselfraude.

Vlees– Lamsvlees is bijvoorbeeld veel duurder dan andere vleessoorten en wordt vaak vermengd met goedkopere soorten vlees (zoals rundvlees), zonder vermelding hiervan te maken.

Wijn– Met wijn kan er op vele manieren gefraudeerd worden. Zo kan goedkope wijn in een fles afgevuld worden en verkocht worden als een dure wijn. Het etiket kan misleiden met betrekking tot het soort wijn, maar ook tot de oorsprong. De wijn kan ook uit een mengsel bestaan van goedkope en dure wijn en soms worden er smaakstoffen aan toegevoegd. Hiermee kunnen soms overschotten of mislukte producties wijn flink opgewaardeerd worden.

 

Hoe kan voedselfraude worden opgespoord?

Er zijn verschillende analysemethodes om de echtheid van een product te controleren. Met PCR-analyses voor het vaststellen van DNA of isotopenanalyses voor herkomstbepalingen, kunnen afwijkingen van producten worden vastgesteld. Tegenwoordig is het vrij eenvoudig voor laboratoria om bijvoorbeeld te testen of een product biologisch is of niet, of verse vis ook echt vers is, of het wel 100% extra vierge olijfolie is en vele andere testen op voedingsmiddelen. Kruiden en specerijen zijn overigens lastig om te analyseren, omdat deze producten uit veel elementen bestaan die de analyse kunnen verstoren.

 

Kan voedselfraude voorkomen worden?

Het volledig voorkomen van voedselfraude blijft bijzonder lastig. Daarom is het van belang dat bedrijven die te maken hebben met voedingsmiddelen een goede voedselfraude analyse uitvoert.

Om te bepalen welke (nieuwe) risico’s van invloed zijn, kunnen bedrijven gebruik maken van verschillende bronnen, zoals de Food Fraud database, Food Shield en het RASFF-systeem. Aan de hand van de risicoanalyse kan bepaald worden welke maatregelen er genomen moeten worden om de risico’s te beheersen en eventueel controleren.

Blog: Recalls door foutieve allergenendeclaratie

 

Recalls door foutieve allergenendeclaratie

Bijna wekelijks zijn er wel één of meerdere recalls (terughaalacties) in het nieuws op het gebied van voeding. Ieder jaar lijken er wel meer recalls te zijn door o.a. een foutieve allergenendeclaratie. Maar klopt deze constatering wel? En nog veel belangrijker wat kan er gedaan worden om dit tot een minimum te reduceren?

 

Wanneer is iets een recall?

De NVWA onderzoekt de meldingen van (mogelijk) onveilige levensmiddelen. Het is namelijk verboden om levensmiddelen in de handel te brengen (of in opslag te hebben) die onveilig zijn. Bij verdenking van een onveilig levensmiddel dient dit gemeld te worden aan de NVWA.

De NVWA bekijkt samen met het bedrijf hoe groot het risico is en wat de vervolgstap dient te zijn. Dit leidt in bepaalde gevallen tot een terughaalactie (recall) vanuit de bedrijfsopslag en/of de winkelschappen.


Voor deze afweging wordt in veel gevallen (vooraf) gekeken naar de meldwijzer. In de beslisboom bij de meldwijzer worden diverse stappen doorlopen om te bepalen wat de status is van het levensmiddel. Is het levensmiddel veilig of toch onveilig, schadelijk of ongeschikt voor consumptie.

Het onterecht niet melden van een mogelijk onveilig levensmiddel wordt door de NVWA beschouwd als een overtreding.

 

Recalls in Nederland en België?

In Nederland en België zijn er in 2018 significant meer recalls geweest -dan voorgaande jaren- als het om voeding (en voedingssupplementen) gaat. Deze recalls zijn in beide landen onder te verdelen in de volgende typen:

  • Allergenen
  • Microbiologisch
  • Productvreemde bestanddelen
  • Chemisch
  • Overig (o.a. foutieve THT-datum)

 

Nederland 2018 (t/m november)

  • Totaal (t/m eind november)
    • 89 recalls
    • 35 recalls door allergenen
    • 28 recalls op microbiologisch gebied (o.a. Salmonella en Listeria)
    • 11 recalls op het gebied van productvreemde bestanddelen (o.a. plastic en rubber)
    • 9 recalls op chemisch gebied (o.a. waterstofcyanide en aflatoxine)
    • 6 overige recalls, bijvoorbeeld doordat blikken een ventiel missen, waardoor de druk te hoog kan worden in het (ongeopende) blik

39% van de recalls werd veroorzaakt door allergenen.

 

Nederland 2017

  • Totaal 65 recalls
    • 41 recalls door allergenen
    • 15 recalls op microbiologisch gebied (o.a. Salmonella en Listeria)
    • 6 recalls op het gebied van productvreemde bestanddelen (o.a. glas en spelden)
    • 3 overige recalls, bijvoorbeeld door een foutieve THT-datum op de verpakking

63% van de recalls wordt veroorzaakt door allergenen.

 

In Nederland worden de recalls (veiligheidswaarschuwingen) voor een groot deel geplaatst op de website van de NVWA.

 

 

België 2018 (t/m november)

  • Totaal (t/m eind november) 165 recalls
    • 54 recalls op microbiologisch gebied (o.a. Salmonella en Listeria)
    • 39 recalls door allergenen
    • 36 recalls op chemisch gebied (o.a. aflatoxine en pesticiden)
    • 24 recalls op het gebied van productvreemde bestanddelen (o.a. glas en metaal)
    • 12 overige recalls, bijvoorbeeld door een mogelijke perforatie in de verpakking

24% van de recalls werd veroorzaakt door allergenen.

 

België 2017

  • Totaal 71 recalls
    • 25 recalls door allergenen
    • 25 recalls op microbiologisch gebied (o.a. Salmonella en Listeria)
    • 11 recalls op chemisch gebied (o.a. aflatoxine en PAK’s)
    • 5 recalls op het gebied van productvreemde bestanddelen (o.a. glas en metaal)
    • 5 overige recalls, bijvoorbeeld door een foutieve THT-datum op de verpakking

35% van de recalls werd veroorzaakt door allergenen.

 

In België worden de recalls (productterugroepingen) voor een groot deel geplaatst op de website van de FAVV.

 

 

Oorzaken van recalls door allergenen

Recalls op het gebied van allergenendeclaratie worden voornamelijk veroorzaakt door:

  • Ingrediënten vergeten te vermelden op etiket/verpakking
  • Verkeerd etiket op de eindverpakking
  • Ander product in de eindverpakking
  • Verkeerde vertaling vanuit een ander taal
  • Verkeerd gebruik van symbolen (bijvoorbeeld een glutenvrij symbool plaatsen op een product dat wel gluten bevat)
  • Fout in het productproces (waardoor bijvoorbeeld het gehalte aan lactose hoger is dan staat vermeld op de eindverpakking)

Oorzaak: meestal is er ergens bij de interne communicatie iets “mis” gegaan. Bijvoorbeeld dat er een vanuit de planning een productierun is omgewisseld en dit niet aan alle medewerkers (goed) is doorgegeven. Of bijvoorbeeld dat de kwaliteitsafdeling een vernieuwde versie van het etiket heeft gemaakt, maar dit (nog) niet bekend is bij de productieafdeling.

 

Oorzaken van recalls door (te hoge gehaltes aan) pathogene micro-organismen

Recalls op microbiologisch gebied worden vooral veroorzaakt door:

  • Salmonella
  • Listeria monocytogenes
  • Escherichia coli
  • Bacillus cereus

Oorzaak: meestal is er iets “mis” gegaan in het productieproces waardoor bovenstaande pathogene micro-organismen (in te hoge gehaltes) aanwezig zijn in het eindproduct. Bijvoorbeeld doordat het (eind)product onvoldoende (lang) verhit is geweest en daardoor een risico kan opleveren voor de volksgezondheid.

Ook bij reguliere laboratoriumanalyses komt er regelmatig naar voren dat eindproducten niet voldoen aan de wettelijk gestelde eisen.

Voeding die besmet is met (grote aantallen) pathogene micro-organismen is vooral gevaarlijk voor YOPI’s. YOPI staat voor: young (jongeren, <5 jaar), old (ouderen, >65 jaar), pregnant (zwangeren) en immunocompromised (immunodeficiënt, mensen met een niet goed werkend immuunsysteem).

 

Oorzaken van recalls door productvreemde bestanddelen

Recalls op het gebied van productvreemde bestanddelen kunnen bijvoorbeeld worden veroorzaakt door:

  • Inkoop van grondstoffen en halffabricaten die verontreinigd zijn met bijvoorbeeld glas, metaal, plastic, steentjes, hout of rubber
  • Het productieproces tijdens de vervaardiging van het eindproduct, bijvoorbeeld er breekt iets af in de machine tijdens het afvullen
  • Opzettelijk toevoegen van productvreemde bestanddelen aan (eind)producten door personeel

Oorzaak: ondanks alle zorgvuldige (ingangs)controles blijft er een kleine kans bestaan op voeding met een productvreemd bestanddeel.

 

Oorzaken van recalls door (te hoge gehaltes aan) chemische stoffen

Recalls op chemisch gebied worden vooral veroorzaakt door (een te hoog gehalte aan):

  • Aflatoxine B1 (en/of B2, G1 en G2)
  • PAK’s (polycyclische aromatische koolwaterstoffen)
  • Ftalaten
  • Alkaloïden
  • Benzo(a)pyreen
  • Lood
  • PCB’s (polychloorbifenylen)
  • Cafeïne
  • Acrylamide
  • Ochratoxine A
  • 3-MCPD (3-monochloorpropaan-1,2-diol)
  • Waterstofcyanide
  • Cadmium
  • Nicotine
  • Minerale oliën
  • Glycidyl
  • Pesticiden

Oorzaak: meestal zit er in de grondstoffen van de betreffende (eind)producten al een te hoog gehalte aan bijvoorbeeld zware metalen. Dit kan komen door verschillende redenen. Bijvoorbeeld doordat in het land van oorsprong een hoger gehalte in de grondstof mag zitten. Of bijvoorbeeld doordat de landbouwgrond vervuild is. Ook tijdens bepaalde processen (bijvoorbeeld de raffinage van plantaardige oliën) kunnen schadelijk stoffen ontstaan.

Blog: Voedselveiligheid, wat houdt dat in?

 

Voedselveiligheid, wat houdt dat in?

Iedere onderneming die werkt met levensmiddelen weet dat voedselveiligheid uitermate belangrijk is. Voeding en voedselveiligheid gaan daarom hand in hand samen. Voedselveiligheid kan op diverse manieren gewaarborgd worden, zoals door hygiënisch te werken, de houdbaarheidsdata van levensmiddelen te respecteren en de temperatuur van de koeling goed in te stellen. Maar er is nog een heel belangrijk punt als het om voedselveiligheid gaat, namelijk …

 

Voedselveiligheid en allergenen

Voedselveiligheid bestaat ook uit het goed in kaart brengen van de aanwezige allergenen in uw onderneming, goed allergenenbeheer en een correcte allergenendeclaratie (door bijvoorbeeld het maken van allergenenlijsten). Helaas wordt dit vaak vergeten. Waarom? Omdat bijvoorbeeld de term allergenen bij ondernemers (en de medewerkers) totaal onbekend is. Of wellicht omdat er niet goed begrepen is wat de gevolgen van allergenen kunnen zijn voor mensen met een voedselovergevoeligheid.

Maar u wilt natuurlijk niet dat uw klant of gast (dood)ziek wordt door een onbedoeld spoortje allergeen, toch?

 

Percentage voedselovergevoeligheid

In Nederland heeft 3 procent van de volwassenen last van een voedselovergevoeligheid. Bij kinderen ligt het percentage dat een voedselovergevoeligheid heeft nog veel hoger, namelijk rond de 8 procent.

Wilt u ook de voedselveiligheid voor mensen met een voedselallergie of voedselintolerantie vergroten? Zorg dan dus voor een correct allergenenbeleid. Hierdoor trekt u niet uiteindelijk alleen meer mensen naar uw onderneming, maar voorkomt u ook dat u te maken krijgt met boetes en/of claims. Sinds december 2014 bent u als ondernemer namelijk aansprakelijk voor letsel dat ontstaat doordat uw allergenenbeleid niet op orde is. Als u niet de nodige maatregelen treft kan dit grote consequenties hebben, voor zowel u als voor de allergische consument.

 

NVWA

De NVWA (Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit) heeft als kerntaak het toezicht houden bij bedrijven en instellingen op naleving van de wetten en voorschriften. Hieronder valt ook de controle op naleving van de allergenenwet (welke onderdeel is van de Europese wet “Verordening (EU) Nr. 1169/2011, betreffende de verstrekking van voedselinformatie aan consumenten”).
Bij het niet naleven van deze wet riskeert u de kans op een flinke boete van de NVWA, welke kan oplopen van €525 tot €1050. Het is dus zeer belangrijk dat u hier genoeg aandacht aan besteedt!

 

Allergenen controleacties in België door FAVV

In België zijn er in oktober 2017 door het federaal Voedselagentschap (FAVV) aangekondigde controleacties gehouden in Leuven en Etterbeek. Bij de betrokken lokale voedingsbedrijven in de distributiesector werd gecontroleerd op de communicatie omtrent allergenen.
In totaal zijn er 438 bedrijven gecontroleerd, waaronder horeca, bakkers, slagers en supermarkten.
In Leuven werd bij 46% van de gecontroleerde bedrijven een afwijking vastgesteld en in Etterbeek zelfs bij 52% van de gecontroleerde bedrijven.
De communicatie omtrent allergenen richting de consument is dus in België nog (lang) niet op orde. Uit eigen ervaring durf ik te zeggen dat in Nederland ook nog heel veel winst te behalen is als het gaat om correcte allergeneninformatie naar de consument toe.

 

Wat hoort er allemaal nog meer bij voedselveiligheid?

In Nederland staat voedselveiligheid op een hoog peil, maar 100% veilig voedsel bestaat niet. Om de risico’s te beperken bestaan er heel wat wetten en regels waaraan voldaan moet worden voor plekken waar voedsel verwerkt wordt. Denk hierbij aan fabrieken, detailhandel, horeca en zorginstellingen.

Voedselveiligheid is een overkoepelde benaming voor een 4-tal termen die gebruikt worden om aan te geven in welke mate ons voedsel (on)veilig is voor consumptie.

 

Voedselveiligheid vóórkomen & voorkómen

De 4-tal termen die onder voedselveiligheid vallen zijn gericht op het vóórkomen of voorkómen van:
– Voedselvergiftigingen
– Bederf
– Voedselallergieën
– Voedselintoleranties
en mogelijk ook nog andere risico’s omtrent voeding.

Voedselveiligheid omvat ook diverse vakgebieden, denk hierbij aan levensmiddelentechnologie, (waren)wetgeving, toxicologie, kwaliteitskunde en epidemiologie.

 

In Nederland zijn er diverse instellingen die heel veel kennis hebben op het gebied van voedselveiligheid, waaronder:
NVWA
Voedingscentrum
RIVM
Gezondheidsraad
Wageningen universiteit
RIKILT

 

NVWA

De NVWA (Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit) heeft als kerntaak het toezicht houden bij bedrijven en instellingen op naleving van de wetten en voorschriften.

 

Voedingscentrum

Het Voedingscentrum biedt consumenten en professionals wetenschappelijke en onafhankelijke informatie over gezonde, veilige en een meer duurzame voedselkeuze.

 

RIVM

Het RIVM (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu) zet zich in voor een gezonde bevolking in een gezonde leefomgeving. Tot de taken behoren onder andere, het effectief bestrijden van infectieziekten, mensen gezond houden, goede zorg bieden, de veiligheid van consumenten bewaken en een gezonde leefomgeving bevorderen.

 

Gezondheidsraad

De Gezondheidsraad is een onafhankelijk adviesorgaan voor regering en parlement. Het werkterrein van de Gezondheidsraad omvat onderwerpen als voeding, milieubescherming, arbeidshygiëne en geneeskundig bevolkingsonderzoek.

 

Wageningen University & Research

De universiteit in Wageningen vormt samen met een aantal commerciële onderzoeksinstituten de Wageningen University & Research. De samenhangende kerngebieden zijn voeding en voedselproductie, leefomgeving & gezondheid, leefstijl en levensomstandigheden.

 

RIKILT

Het RIKILT (Rijks- Kwaliteitsinstituut voor Landbouw- en Tuinbouwproducten) is een onderzoeksinstituut en onderdeel van Wageningen University & Research, wat onafhankelijk onderzoek verricht naar de veiligheid en betrouwbaarheid van voedsel. Er wordt bijvoorbeeld gekeken hoe de veiligheid van voedsel van productie tot consumptie verbeterd kan worden.

Momenteel is er een officieel onderzoek gaande (in opdracht van het Ministerie van Economische Zaken) omtrent allergenen. Hierin onderzoeken ze of de allergene activiteit van voedseleiwitten -welke zorgen voor allergische reacties- te meten en voorspellen zijn. Het meten en voorspellen van de allergene eigenschappen van eiwitten is een uitdagende taak. Een allergische reactie is namelijk het resultaat van een aaneenschakeling aan reacties in het lichaam, waarbij meerdere celtypen en hun interacties weer een rol spelen.

 

Zelf doen of uitbesteden?

U kunt natuurlijk proberen alle informatie rondom allergenen zelf te verzamelen en te verwerken tot bijvoorbeeld een productspecificatie of etiket. Maar het risico bestaat dan dat u het niet correct doet en daarmee onbedoeld een soort schijnzekerheid afgeeft aan klanten met een voedselovergevoeligheid. Wilt u dit laten doen door een professional, dan bent u bij VoedingVeilig aan het juiste adres. Benieuwd geworden naar de mogelijkheden, vraag dan gratis en vrijblijvend een kennismakingsgesprek aan.