Blog: Voedselfraude, iets van alle tijden?

 

Voedselfraude, iets van alle tijden?

Voedselfraude is niet iets van de laatste jaren, maar in tijden van crisis is de druk op mensen echter groter dan anders.

 

Wat is voedselfraude?

Eigenlijk bestaat er geen eenduidige definitie van voedselfraude, maar de European Commission heeft de volgende definitie: Food fraud is about “any suspected intentional action by businesses or individuals for the purpose of deceiving purchasers and gaining undue advantage therefrom, in violation of the rules referred to in Article 1(2) of Regulation (EU) 2017/625 (the agri-food chain legislation)”.

Voedselfraude heeft met name betrekking op toevoeging, verdunning of vervanging met een goedkoop eigen of vreemd materiaal, maar ook onjuiste declaraties van productherkomst, productiesystemen en productieprocessen zijn vormen van fraude.

 

Waarom wordt er gefraudeerd?

De belangrijkste aanleiding voor voedselfraude is van economische aard. Het kan simpelweg veel geld opleveren voor de fraudeur. Daarnaast zijn er diverse factoren die er voor zorgen dat er meer wordt gefraudeerd. Denk hierbij aan de corona crisis, de stijgende voedselprijzen of de vraag naar goedkoper voedsel.

Opvallend is ook dat in het jaarplan 2020 van de NVWA wordt aangegeven dat waar het voedselveiligheids- of frauderisico heel hoog is, er met voorrang capaciteit wordt ingezet. Dat betekent dat er op dit moment geen opsporingscapaciteit wordt ingezet voor fraude ten aanzien van voedselintegriteit (o.a. biologisch, Beter Leven, Fairtrade, beschermde oorsprong). Door het gebrek aan opsporing krijgen fraudeurs vrij spel.

 

Hoe vaak komt voedselfraude voor?

In Nederland is er geen database die specifiek is bedoeld om incidenten aangaande voedselfraude te melden. Op Europees niveau is er de RASFF-database. Echter in deze database worden alleen voedselfraude incidenten vermeld die een effect hebben op de voedselveiligheid. Opvallend is wel dat de laatste jaren er een toename is van het aantal gerapporteerde voedselfraude gevallen.

De Britse Food Standards Agency schat dat circa 10% van het voedsel wat in de supermarkt ligt mee gefraudeerd wordt. Dit zal naar alle waarschijnlijkheid niet heel anders zijn in Nederland.

 

Voedselfraudegevoelige producten

Biologische voeding– Producten krijgen onterecht een biologisch label, zodat ze voor een hogere prijs verkocht kunnen worden. Daarnaast is de groeide vraag naar biologische producten ook een reden voor fraude.

Granen– Durum tarwesoorten zijn duurder en worden deels of geheel vervangen door goedkopere graansoorten. Hoe meer het graan verwerkt wordt, hoe minder duidelijk wordt wat de oorspronkelijke graansoort was.

Honing– Er zijn vele manier hoe hiermee gefraudeerd wordt. Ondanks strenge wetgeving aangaande honing zijn er vele manieren hoe hiermee gefraudeerd wordt, zoals het toevoegen van water of het aangeven van een andere herkomst. Er kan ook invertsuiker worden toegevoegd, waardoor de honing is vermengd met een goedkoper ingrediënt.

Koffie– Er is veel prijsverschil in koffie. Er is een groeiende koffiecultuur met bepaalde interesses in herkomst van koffiebonen en ethisch geproduceerde koffiebonen. Echter wordt er aan gemalen koffie soms fijngehakte takken en bladeren toegevoegd. Ook worden dure kwaliteitsbonen vermengd met goedkopere soorten koffiebonen.

Vis– Er wordt vaak een duurdere vissoort op het etiket benoemd, dan werkelijk in de verpakking aanwezig is. Zo wordt schelvis wel eens verkocht als -het veel duurdere- kabeljauw.

Kruiden en specerijen– Omdat kruiden en specerijen vaak in poedervorm voorkomen is het gemakkelijk een ander en goedkoper kruid of specerij toe te voegen. Er wordt soms zelfs gemalen hout, fijn steengruis, kalk en zand aan toegevoegd.

Vruchtensappen– Bij de productie van vruchtensap wordt het sap eerst geconcentreerd, dan vaak getransporteerd over grote afstanden en vervolgens weer aangelengd. In al deze processtappen kan voedselfraude plaatsvinden. Soms wordt er meer verdund dan wat volgens de toegepaste concentratie zou mogen. Verdunnen met water en extra suiker wordt soms ook gedaan.

Olijfolie– Doordat er een groot prijsverschil zit tussen de extra vierge olijfolie van de eerste persing en de goedkopere andere olijfoliën of oliën van andere oorsprong (zoals bijvoorbeeld zonnebloemolie), is dit product zeer gevoelig voor voedselfraude.

Vlees– Lamsvlees is bijvoorbeeld veel duurder dan andere vleessoorten en wordt vaak vermengd met goedkopere soorten vlees (zoals rundvlees), zonder vermelding hiervan te maken.

Wijn– Met wijn kan er op vele manieren gefraudeerd worden. Zo kan goedkope wijn in een fles afgevuld worden en verkocht worden als een dure wijn. Het etiket kan misleiden met betrekking tot het soort wijn, maar ook tot de oorsprong. De wijn kan ook uit een mengsel bestaan van goedkope en dure wijn en soms worden er smaakstoffen aan toegevoegd. Hiermee kunnen soms overschotten of mislukte producties wijn flink opgewaardeerd worden.

 

Hoe kan voedselfraude worden opgespoord?

Er zijn verschillende analysemethodes om de echtheid van een product te controleren. Met PCR-analyses voor het vaststellen van DNA of isotopenanalyses voor herkomstbepalingen, kunnen afwijkingen van producten worden vastgesteld. Tegenwoordig is het vrij eenvoudig voor laboratoria om bijvoorbeeld te testen of een product biologisch is of niet, of verse vis ook echt vers is, of het wel 100% extra vierge olijfolie is en vele andere testen op voedingsmiddelen. Kruiden en specerijen zijn overigens lastig om te analyseren, omdat deze producten uit veel elementen bestaan die de analyse kunnen verstoren.

 

Kan voedselfraude voorkomen worden?

Het volledig voorkomen van voedselfraude blijft bijzonder lastig. Daarom is het van belang dat bedrijven die te maken hebben met voedingsmiddelen een goede voedselfraude analyse uitvoert.

Om te bepalen welke (nieuwe) risico’s van invloed zijn, kunnen bedrijven gebruik maken van verschillende bronnen, zoals de Food Fraud database, Food Shield en het RASFF-systeem. Aan de hand van de risicoanalyse kan bepaald worden welke maatregelen er genomen moeten worden om de risico’s te beheersen en eventueel controleren.