Blog: Gereserveerde aanduidingen

 

Gereserveerde aanduidingen

Er zijn diverse levensmiddelen waarbij bepaalde benamingen pas mogen worden gebruikt indien het levensmiddel voldoet aan bepaalde eisen. Indien het levensmiddel niet (geheel) voldoet aan deze eisen (omschreven in diverse warenwetbesluiten), mag het levensmiddel geen verwijzing hebben naar deze benaming.

Hieronder zijn een aantal gereserveerde benamingen weergegeven. Opmerking: ga voor de actuele benamingen altijd naar de officiële website toe.

 

Warenwetbesluit Gereserveerde aanduidingen

Azijn:

De aanduiding azijn mag uitsluitend worden gebruikt voor een vloeibare waar die azijnzuur als kenmerkend bestanddeel (minstens 4 gram per 100 ml) bevat.

 

Mayonaise:

De aanduiding mayonaise mag uitsluitend worden gebruikt voor een eetwaar bestaande uit een emulsie van het type olie in water, die ten minste 70% vet en ten minste 5% eigeel bevat.

 

Vruchtenwijn:

De aanduiding vruchtenwijn mag uitsluitend worden gebruikt voor een gegiste drank die is bereid uit het sap van ander fruit dan druiven, met een alcoholgehalte van ten minste 8,5 volumeprocenten bij 20°C.

 

Roomijs:

De aanduiding roomijs mag uitsluitend worden gebruikt voor consumptie-ijs dat bestemd is om in bevroren toestand te worden genuttigd, en dat:

  • geen ander vet bevat dan melkvet;
  • een melkvetgehalte heeft van ten minste 5%; en
  • geen ander eiwit bevat dan melkeiwitten.

 

Limonade / Frisdrank:

De aanduiding limonade of frisdrank mag uitsluitend worden gebruikt voor een drinkwaar die geen alcohol bevat (tenzij dit door een natuurlijk gistingsproces onbedoeld en onvermijdelijk aanwezig is tot een gehalte van ten hoogste 5 gram ethylalcohol per liter), en die bestaat uit:

  • water, natuurlijk mineraalwater of bronwater; en
  • suikers of zoetstoffen;

waaraan mogen zijn toegevoegd:

  • koolzuur;
  • aroma’s;
  • eetbare bestanddelen van vruchten of planten;
  • vruchten- of plantensappen;
  • technische hulpstoffen; of bepaalde additieven (volgens Verordening (EG) nr. 1333/2008)

 

Bier:

De aanduiding bier mag uitsluitend worden gebezigd voor een drinkwaar verkregen na alcoholische gisting van wort, hoofdzakelijk bereid uit zetmeel- en suikerhoudende grondstoffen, hop en brouwwater (ten minste 60% van het extractgehalte van de wort, voor vergisting, dient afkomstig te zijn van geste- of tarwemout), en die bestaat uit:

  • gerstemout of tarwemout;
  • andere zetmeelhoudende grondstoffen;
  • suikerhoudende grondstoffen;
  • hop en zijn onderscheidene verwerkte vormen;
  • brouwwater (dat voldoet aan de eisen gesteld in de Drinkwaterwet) en dat in zijn minerale samenstelling en zuurgraad mag zijn aangepast aan de specifieke eisen, die de brouwprocessen van de onderscheidene biersoorten stellen;
  • gist;

waaraan mogen zijn toegevoegd:

  • vruchten of vruchtensappen en aroma’s;
  • technische hulpstoffen; of
  • bepaalde additieven (volgens Verordening (EG) nr. 1333/2008)

 

Alcoholvrij bier:

De aanduiding alcoholvrij bier mag uitsluitend worden gebruikt voor bier dat ≤0,1 volumeprocent alcohol bevat en een extractgehalte van de stamwort heeft van ten minste 4%.

 

Alcoholarm bier:

De aanduiding alcoholarm bier mag uitsluitend worden gebruikt voor bier dat 0,1 en ≤1,2 volumeprocent alcohol bevat en een extractgehalte van de stamwort heeft van ten minste 4%.

 

Oud bruin:

De aanduiding oud bruin (en iedere daarop gebaseerde aanduiding) mag uitsluitend worden gebruikt voor gezoete donkergekleurde bieren met een extractgehalte van de stamwort van 7 tot 11%.

 

Pils:

De aanduiding pils (en ieder daarop gebaseerde aanduiding) mag uitsluitend worden gebruikt voor lichtgekleurde bieren met een extractgehalte van de stamwort van 11 tot 13,5%.

 

Bok / Bock:

De aanduiding bok, bock (en ieder daarop gebaseerde aanduiding) mag uitsluitend worden gebruikt voor bieren met een extractgehalte van de stamwort boven de 15%.

Dit zijn slechts een aantal voorbeelden, op “Warenwetbesluit Gereserveerde aanduidingen” staat de hele lijst.

 

Warenwetbesluit Meel en brood

Witbrood:

De aanduiding wit(te)brood mag uitsluitend worden gebruikt voor brood waarvan tarwebloem het voornaamste meelbestanddeel is en waarin zemelen met het blote oog niet waarneembaar zijn.

 

Bruinbrood / Tarwebrood:

De aanduiding bruinbrood of tarwebrood mag uitsluitend worden gebruikt voor brood waarvan (volkoren)tarwemeel -al dan niet gemengd met gebroken tarwe en tarwevlokken- het voornaamste meelbestanddeel is en waarin zemelen met het blote oog waarneembaar zijn.

 

Melkbrood:

De aanduiding melkbrood mag uitsluitend worden gebruikt voor brood waaraan melkbestanddelen in hun natuurlijke verhouding zijn toegevoegd, zodat het melkvetgehalte ten minste 1,5% van de droge stof bedraagt.

 

Krentenbrood:

Het woord krenten mag onderdeel uitmaken van de aanduiding van brood, indien dit ten minste 30% krenten bevat.

 

Rozijnenbrood:

Het woord rozijnen mag onderdeel uitmaken van de aanduiding van brood, indien dit ten minste 30% rozijnen bevat.

Dit zijn slechts een aantal voorbeelden, op “Warenwetbesluit Meel en brood” staat de hele lijst.